Betekenissen van de naam Behon
De Bijbelse naam Behon wordt meestal uitgelegd als “door beproeving” en wordt gezien als een verkorte vorm van Baäl-Meon. De naam Behon draagt zo de gedachte van een plaats die door beproeving, toetsing en oordeel is gegaan.
Classificatie
Plaatsnaam
Datering
Behon wordt genoemd in de tijd van Mozes, bij de vestiging van de stammen Ruben en Gad in het Overjordaanse gebied, in de late 2e millennium v.Chr.
Naam in het Hebreeuws
בְּעוֹן (Be’on) – in veel vertalingen weergegeven als Beon, in het Nederlands als Behon.
Naam in het Grieks
Βαιών (Baion) – fonetische weergave van de Hebreeuwse plaatsnaam.
Strongnummers
Hebreeuws: H1194
Grieks: geen afzonderlijk Strongnummer
Etymologische gegevens
Behon wordt doorgaans beschouwd als een samentrekking van Baäl-Meon, “heer van de woonplaats” of “heer van de verblijfplaats”. De uitleg “door beproeving” sluit aan bij het idee van een plaats waar God Zijn volk toetst in het beloofde land ten oosten van de Jordaan.
Formuleringen (Schrijfwijze)
Statenvertaling: Behon
Herziene Statenvertaling: Beon
King James Version: Beon
Symbolische betekenis
Symbolisch staat Behon voor beproeving, toetsing en de vraag of Israël in voorspoed trouw blijft aan de HEERE. Als stad in het Overjordaanse herinnert de naam aan de spanning tussen verworven bezit en blijvende gehoorzaamheid.
Bijbelse Stam
Overjordaanse gebied van de stammen Ruben en Gad, in het land Gilead.
Familie
| Relatie | Naam |
|---|---|
| Vader | Niet van toepassing (plaatsnaam) |
| Moeder | Niet van toepassing (plaatsnaam) |
| Broers | Niet van toepassing (plaatsnaam) |
| Zussen | Niet van toepassing (plaatsnaam) |
| Vrouw | Niet van toepassing (plaatsnaam) |
| Man | Niet van toepassing (plaatsnaam) |
| Zonen | Niet van toepassing (plaatsnaam) |
| Dochters | Niet van toepassing (plaatsnaam) |
Een korte omschrijving
Behon is een Bijbelse plaatsnaam in het Overjordaanse, genoemd in de opsomming van steden die de stammen Ruben en Gad begeerden als woongebied. De stad ligt in Gilead, in hetzelfde cluster als Ataroth, Dibon, Jaezer, Nimra, Hesbon, Eleale, Sebam en Nebo. De naam, waarschijnlijk verwant aan Baäl-Meon, verbindt Behon met de overgang van een Kanaänitische omgeving naar Israëlitisch bezit. In Bijbelstudie rond Numeri 32 staat Behon voor een beproefde plaats: een gebied van verworven rust, maar ook van geestelijke toetsing.