Aäron

De broer van Mozes en Mirjam, de eerste en stamvader van de priesters (Éxodus 4:14; Ezra 7:1-5; Psalmen 115:10; Psalmen 118:3). Hij is de ‘profeet’ van Mozes, als gezalfde een vorst in Israël en met Mozes bevrijder van Israël. Maar ook voorganger bij de afgoderij van het gouden kalf en samen met Mirjam rebels tegen het gezag van Mozes (Éxodus 7:1; Leviticus 4:5; Éxodus 17:8-15; Jozua 24:5; Exodus 32; Numeri 12).


Betekenis

Betekenis onduidelijk, mogelijk: Zeer Hoog, verheven berg of verlicht, lichtbrenger.


Algemeen

Geslacht: Man

Periode: ca. 1360 voor Christus.

Hebreeuws: אַהֲרֹן

Grieks: ααρων


Familie

Stam: Levi

Vader: Amram

Moeder: Jochebed

Broer(s): Mozes

Zus(sen): Mirjam

Gehuwd met: Eliseba

Kinderen: Nadab, Abihu, Itamar, Eleazar


Symboliek

(c) Aaron is op veel manieren een type van Christus. Toen hij eenmaal per jaar het heilige der heiligen binnenging met het bloed van een dier, ging onze Here Jezus de hemel binnen met Zijn eigen bloed, niet slechts één keer per jaar, maar voor altijd. Aäron droeg de namen van de twaalf stammen op zijn schouders, dus draagt ​​de Christus Zijn volk en hun lasten op Zijn schouders. Aäron droeg het borstschild van twaalf stenen over zijn hart en onze Heiland draagt ​​zijn eigen kinderen op zijn hart. Aäron droeg een gouden band op zijn voorhoofd met het opschrift ‘Heiligheid voor de Heer’. Onze Heer Jezus was dus heilig, zuiver en volmaakt in al zijn wegen, woorden en karakter. Aäron werd door God gekozen (Hebreeën 5:4) als de Hogepriester, en God koos Christus om onze Hogepriester te zijn. De kleding van Aäron werd door God voorgeschreven en heette heilige klederen. Dus het kleed van onze Here Jezus wordt “het kleed der gerechtigheid, de klederen der zaligheid” genoemd (Jesaja 61:10)


Bijbelverzen

Naam komt in 333 verzen voor:

Deel dit artikel op: