Betekenissen van de naam Benája
De Bijbelse naam Benája (Benaiah) betekent “de HEERE heeft gebouwd” of “door de HEERE gebouwd”. De naam legt de nadruk op een leven dat door God Zelf is opgericht, bevestigd en versterkt, en wordt in de Bijbel gedragen door meerdere mannen, onder wie een van Davids dapperste helden.
Classificatie
Eigennaam (man)
Datering
De bekendste Benája leeft in de tijd van koning David en koning Salomo, in de 10e eeuw v.Chr. Hij is actief tijdens Davids regering als legeraanvoerder en lijfwacht, en speelt een sleutelrol bij de troonsbestijging van Salomo.
Naam in het Hebreeuws
בְּנָיָה (Benája) / בְּנָיָהוּ (Benájahu)
Naam in het Grieks
Βαναίας (Banaias)
Strongnummers
Hebreeuws: H1141
Grieks: niet afzonderlijk genummerd
Etymologische gegevens
Benája is gevormd uit de wortel בנה (banah, “bouwen”) en de Godsnaam יה (Yah, verkorte vorm van JHWH). Letterlijk betekent de naam “JHWH heeft gebouwd” of “door JHWH gebouwd”. De etymologie onderstreept dat de kracht, positie en roeping van Benája niet uit menselijke macht, maar uit Gods scheppende en opbouwende handelen voortkomen.
Formuleringen (Schrijfwijze)
Statenvertaling: Benája / Benája, de zoon van Jójada
Herziene Statenvertaling: Benaja / Benaja, de zoon van Jojada
King James Version: Benaiah
Symbolische betekenis
Benája staat symbool voor door God bevestigde moed en trouw. Hij is een krijgsheld die grote daden verricht, maar tegelijk een man die in gehoorzaamheid aan Gods gezalfde koning handelt. Zijn naam en leven verbinden goddelijke opbouw met heilige moed in dienst van Gods koninkrijk.
Bijbelse Stam
Benája, de zoon van Jójada, is afkomstig uit Kabzeël in Juda en wordt verbonden met de priesterlijke familie van Levi.
Familie
| Relatie | Naam |
|---|---|
| Vader | Jójada (Jehojada), een dapper man uit Kabzeël |
| Moeder | Niet vermeld |
| Broers | Niet vermeld |
| Zussen | Niet vermeld |
| Vrouw | Niet vermeld |
| Man | Niet van toepassing |
| Zonen | Niet vermeld |
| Dochters | Niet vermeld |
Een korte omschrijving
Benája, de zoon van Jójada, is een van de beroemdste helden van koning David. Hij doodt twee machtige helden van Moab, verslaat een leeuw in een kuil op een sneeuwdag en brengt een indrukwekkende Egyptische krijger om met diens eigen speer. David stelt hem aan over zijn lijfwacht, en onder Salomo wordt Benája opperbevelhebber van het leger. Zijn naam “de HEERE heeft gebouwd” weerspiegelt zijn levensverhaal: God bouwt hem op als betrouwbaar, moedig en rechtvaardig dienaar, die een sleutelrol speelt in de overgang van Davids naar Salomo’s koningschap.
Er zijn andere mannen met de naam Benája, maar die zijn niet uitgewerkt.
De naam komt voor in de Bijbelverzen
2 Samuël 8:18, 2 Samuël 20:23, 2 Samuël 23:20, 2 Samuël 23:22, 2 Samuël 23:30, 1 Koningen 1:8, 1 Koningen 1:10, 1 Koningen 1:26, 1 Koningen 1:32, 1 Koningen 1:36, 1 Koningen 1:38, 1 Koningen 1:44, 1 Koningen 2:25, 1 Koningen 2:29, 1 Koningen 2:30, 1 Koningen 2:34, 1 Koningen 2:35, 1 Koningen 2:46, 1 Koningen 4:4, 1 Kronieken 4:36, 1 Kronieken 11:22, 1 Kronieken 11:24, 1 Kronieken 11:31, 1 Kronieken 15:18, 1 Kronieken 15:20, 1 Kronieken 15:24, 1 Kronieken 16:5, 1 Kronieken 16:6, 1 Kronieken 18:17, 1 Kronieken 27:5, 1 Kronieken 27:6, 1 Kronieken 27:14, 1 Kronieken 27:34, 2 Kronieken 20:14, 2 Kronieken 31:13, Ezra 10:25, Ezra 10:30, Ezra 10:35, Ezra 10:43, Ezechiël 11:1, Ezechiël 11:13