Betekenissen van de naam Azánja
De Bijbelse naam Azánja (Azaniah) betekent “Jahweh heeft gehoord” of “de HEERE luistert”. De betekenis benadrukt Gods aandacht, verhoorde gebeden en zijn betrokkenheid bij zijn volk.
Classificatie
Eigennaam (man)
Datering
Azánja leefde in de post‑exilische periode, in de tijd van Nehemia (5e eeuw v.Chr.), tijdens de herbouw van Jeruzalem en de hernieuwing van het verbond.
Naam in het Hebreeuws
עֲזַנְיָה (‘Azanjāh)
Naam in het Grieks
Ἀζανίας (Azanias)
Strongnummers
Hebreeuws: H2458
Grieks: Geen afzonderlijk nummer
Etymologische gegevens
Azánja is samengesteld uit de wortel אזן (“horen”, “luisteren”) en het theofore element יה (Yah), een verkorte vorm van de naam Jahweh. Etymologisch betekent Azánja dus “Jahweh heeft gehoord” of “de HEERE luistert”. De naam drukt vertrouwen uit in Gods aandacht en zijn bereidheid om gebeden te verhoren.
Formuleringen (Schrijfwijze)
In de Statenvertaling: Azánja
In de Herziene Statenvertaling: Azanja
In de King James vertaling: Azaniah
Symbolische betekenis
Symbolisch staat de naam Azánja voor Gods luisterend oor en zijn trouw aan het verbond. In de context van Nehemia is Azánja een teken van geestelijke vernieuwing: een man die zijn naam draagt als getuigenis dat God hoort en handelt.
Bijbelse Stam
Azánja wordt genoemd onder de Levieten die het verbond verzegelden. Hij behoort dus tot de stam Levi.
Familie
| Relatie | Naam |
|---|---|
| Vader | Niet genoemd |
| Moeder | Niet genoemd |
| Broers | Niet genoemd |
| Zussen | Niet genoemd |
| Vrouw | Niet genoemd |
| Man | Niet van toepassing |
| Zonen | Niet genoemd |
| Dochters | Niet genoemd |
Een korte omschrijving
Azánja is een Bijbelse Leviet die genoemd wordt in de tijd van Nehemia. Hij behoort tot de mannen die het vernieuwde verbond met de HEERE verzegelden, een belangrijke geestelijke gebeurtenis na de terugkeer uit de Babylonische ballingschap. Zijn naam, “Jahweh heeft gehoord”, past bij de periode waarin het volk opnieuw Gods wet omarmt en zijn trouw ervaart. Azánja staat in de Bijbel als vertegenwoordiger van de Levieten die het volk onderwezen en hielpen terug te keren tot gehoorzaamheid aan de HEERE.