Athája

Betekenissen van de naam Athája

Athája betekent “de HEERE is hulp” of “Jahweh is mijn helper”. De naam drukt vertrouwen uit op Gods reddende en ondersteunende aanwezigheid.

Classificatie

Eigennaam (man)

Datering

Perzische periode, na de Babylonische ballingschap (5e eeuw v.Chr.), in de tijd van Nehemia en de herbevolking van Jeruzalem.

Naam in het Hebreeuws

אֲתָיָה (Athajah / Athaiah)

Naam in het Grieks

Ἀθαΐας (Athaïas)

Strongnummers

Hebreeuws: H6265
Grieks: niet van toepassing

Etymologische gegevens

Athája is een theofore naam, samengesteld uit een werkwoordstam met de betekenis “helpen, bijstaan” en het element -yahu / -jah, dat verwijst naar de naam van de HEERE (Jahweh). De naam betekent daardoor “Jahweh is hulp” of “de HEERE is mijn helper” en past bij iemand die behoort tot de gelovige rest in Jeruzalem.

Formuleringen (Schrijfwijze)

in de Statenvertaling: Athája
in de Herziene Statenvertaling: Athaja
in de King James vertaling: Athaiah

Symbolische betekenis

Athája symboliseert Gods hulp aan de kleine rest die in Jeruzalem woont na de ballingschap. Zijn naam onderstreept dat het voortbestaan van Juda niet te danken is aan menselijke kracht, maar aan de hulp van de HEERE.

Bijbelse Stam

Juda (afstammeling van Perez)

Familie

RelatieNaam
VaderUzzia (Uzzia)
MoederOnbekend
BroersNiet genoemd
ZussenNiet genoemd
VrouwOnbekend
ManNiet van toepassing
ZonenOnbekend
DochtersOnbekend

Een korte omschrijving

Athája is een man uit de stam Juda die genoemd wordt in de lijsten van inwoners van Jeruzalem na de Babylonische ballingschap. In Nehemia 11 wordt hij vermeld als een afstammeling van Perez, een belangrijke lijn binnen Juda. Athája behoort tot de mannen die vrijwillig in Jeruzalem wonen om de stad opnieuw te bevolken en te versterken. Zijn naam, “de HEERE is hulp”, weerspiegelt de geestelijke houding van de herstelde gemeenschap: afhankelijkheid van Gods hulp bij de wederopbouw van stad, muur en eredienst.

De naam komt voor in de Bijbelverzen

Nehemia 11:4