Amnon

Betekenissen van de naam Amnon

De Bijbelse naam Amnon betekent “trouw”, “betrouwbaar” of “getrouw”. De naam Amnon is daarmee verbonden met het idee van betrouwbaarheid en standvastigheid, ook al staat de Bijbelse Amnon juist bekend om zijn ontrouwe en zondige gedrag tegenover zijn halfzus Tamar.

Classificatie

Eigennaam (man)

Datering

De naam Amnon hoort bij de monarchale periode in Israël, vooral in de tijd van koning David in de 10e eeuw v.Chr. Daarnaast wordt een andere Amnon genoemd in de tijd die in Kronieken wordt beschreven.

Naam in het Hebreeuws

אַמְנוֹן – ‘Amnôn

Naam in het Grieks

Ἀμνών

Strongnummers

Hebreeuws: H550
Grieks: geen

Etymologische gegevens

Amnon is afgeleid van het Hebreeuwse werkwoord ’āman (אָמַן), “trouw zijn, ondersteunen, bevestigen”. De naam betekent “trouw, betrouwbaar” en is verwant aan namen en woorden als Amen en Amon, die eveneens met geloof, betrouwbaarheid en bevestiging te maken hebben.

Formuleringen (Schrijfwijze)

in de Statenvertaling: Amnon
in de Herziene Statenvertaling: Amnon
in de King James vertaling: Amnon

Symbolische betekenis

De naam Amnon draagt de betekenis “trouw”, maar zijn levensverhaal laat juist ontrouw, misbruik van macht en begeerte zien. Symbolisch staat Amnon voor het contrast tussen naam en levenswandel: een mens kan een vrome of positieve naam dragen, maar toch zondigen en oordeel over zichzelf brengen. In de Bijbelse context benadrukt Amnon de verwoestende gevolgen van ongecontroleerde begeerte binnen het huis van David.

Bijbelse Stam

Amnon, de oudste zoon van David, behoort tot de stam Juda, omdat David uit Juda afkomstig is. De andere Amnon, zoon van Shimon, wordt in de Kronieken eveneens binnen de Judaïsche familiekring geplaatst.

Familie

RelatieNaam
VaderDavid
MoederAchinoam van Jizreël
BroersAbsalom, Salomo en andere zonen van David
ZussenTamar (halfzus), overige zussen onbekend
VrouwOnbekend
ManNiet van toepassing
ZonenOnbekend
DochtersOnbekend

Een korte omschrijving

Amnon is in de Bijbel vooral bekend als de oudste zoon van koning David en Achinoam. Hij wordt genoemd in 2 Samuël 3 en 13. Amnon begeert zijn halfzus Tamar, doet alsof hij ziek is en misbruikt haar in zijn kamer. Na de verkrachting slaat zijn “liefde” om in haat, en Tamar blijft vernederd achter. Absalom, haar broer, koestert wrok en laat Amnon na twee jaar doden tijdens een feest. De Bijbelse naam Amnon, die “trouw” betekent, wordt zo verbonden met een tragisch verhaal van zonde, geweld en oordeel binnen het huis van David.

De naam komt voor in de Bijbelverzen

Onder andere in 2 Samuël 3:2; 2 Samuël 13; 1 Kronieken 3:1; 1 Kronieken 4:20.