Betekenissen van de naam Allémeth
De Bijbelse naam Allémeth (Alemeth) wordt meestal uitgelegd als “verborgenheid”, “bedekking” of “jeugdige kracht”. De naam Allémeth roept het beeld op van iets of iemand die beschermd, afgeschermd en tegelijk vitaal en levenskrachtig is.
Classificatie
Eigennaam (man) & Plaatsnaam
Datering
Allémeth komt voor in de periode van de vestiging van Israël in het land en in de tijd van de koningen, zoals weerspiegeld in de genealogieën en de Levitische steden in het boek Kronieken.
Naam in het Hebreeuws
עָלֶמֶת (ʿAlemeth)
Naam in het Grieks
Αλεμεθ
Strongnummers
Hebreeuws: H5960
Grieks: niet van toepassing
Etymologische gegevens
Allémeth is verwant aan de Hebreeuwse stam עָלַם (ʿalam), “verbergen” of “verborgen zijn”, en aan woorden voor “jongeman” of “maagd”. Daardoor draagt de naam de gedachte van verborgenheid, bescherming en jeugdige vitaliteit.
Formuleringen (Schrijfwijze)
in de Statenvertaling: Alemeth
in de Herziene Statenvertaling: Alemet
in de King James vertaling: Alemeth
Symbolische betekenis
Symbolisch kan Allémeth staan voor een door God beschermde persoon of plaats, verborgen maar niet vergeten, en voor de toegewijde kracht van de jeugd die in dienst van God staat.
Bijbelse stam
Benjamin
Familie
| Relatie | Naam / Opmerking |
|---|---|
| Vader | Niet eenduidig; verschillende dragers van de naam in de geslachtsregisters |
| Moeder | Niet vermeld |
| Broers | Verschillende broers, afhankelijk van de betreffende genealogie |
| Zussen | Niet vermeld |
| Vrouw | Niet vermeld |
| Man | Niet van toepassing; Allémeth is een mannelijke naam |
| Zonen | Niet expliciet vermeld |
| Dochters | Niet expliciet vermeld |
Een korte omschrijving
Allémeth is een Bijbelse naam die zowel als persoonlijke naam van mannen uit de stam Benjamin als als plaatsnaam voorkomt. De stad Allémeth is een Levitische stad in het gebied van Benjamin, toegewezen aan priesters. De betekenis “verborgenheid” of “bedekking” past bij een plaats en personen die onder Gods zorg en bescherming staan. In de genealogieën van Kronieken markeert de naam Allémeth de continuïteit van de Benjaminitische lijn en de verbondenheid met de dienst aan God.
De naam komt voor in de Bijbelverzen
1 Kronieken 6:60; 1 Kronieken 7:8; 1 Kronieken 8:36; 1 Kronieken 9:42