Betekenissen
Abel-Maïm betekent “weide van het water” of “grasland bij de wateren”. Het eerste deel, Abel, duidt op een vruchtbare vlakte; Maïm betekent “wateren”.
Classificatie
Plaatsnaam
Datering
De naam komt voor in de tijd van koning Asa van Juda en Benhadad van Syrië (9e eeuw v.Chr.).
Naam in het Hebreeuws
Vorm: אָבֵל מַיִם
Transcriptie: ʾÁvel Maïm (Abel-Maïm)
Naam in het Grieks
Vorm (Septuaginta): Αβηλ μαϊν
Transcriptie: Abel Main
Strongnummers
Hebreeuws: H59 (Abel), H4325 (Maïm)
Grieks: n.v.t. (naam komt uitsluitend in het Hebreeuws voor)
Etymologische gegevens
“Abel” betekent “weide”, “vlakte” of “grasland”. “Maïm” betekent “wateren”. De naam duidt op een vruchtbare plaats die rijk was aan waterbronnen of rivieren, wat in het noorden van Israël een strategische en agrarische waarde had.
Formuleringen
Statenvertaling: Abel-Maim
Herziene Statenvertaling: Abel-Maim
King James Version: Abel-maim
Symbolische betekenis
De naam wordt vaak gezien als een beeld van overvloed en vruchtbaarheid, maar in de context van de aanval van Benhadad ook als een symbool van kwetsbaarheid van zelfs vruchtbare en welvarende plaatsen.
Bijbelse Stam
Abel-Maïm ligt in het noordelijke gebied van Israël, waarschijnlijk in of nabij het gebied van de stam Naftali.
Familie
| Relatie | Naam |
|---|---|
| Vader | n.v.t. |
| Moeder | n.v.t. |
| Broers | n.v.t. |
| Zussen | n.v.t. |
| Vrouw | n.v.t. |
| Zonen | n.v.t. |
| Dochters | n.v.t. |
Een korte omschrijving
Abel-Maïm is een plaats in het noorden van Israël, genoemd in de context van de oorlog tussen Asa, koning van Juda, en Baësa, koning van Israël. Asa huurde Benhadad van Syrië in om de noordelijke steden van Israël aan te vallen. Benhadad veroverde onder andere Abel-Maïm, een vruchtbare en waterrijke plaats. De stad wordt gezien als een strategisch punt in de regio, gelegen langs belangrijke handels- en militaire routes. Hoewel de Bijbel weinig details geeft over de stad zelf, benadrukt de naam haar agrarische waarde en ligging in een waterrijk gebied.
De naam komt voor in de Bijbelverzen
2 Kronieken 16:4