4.9 De Gemeente in de wereld

Als we de vergelijking met de twee bokken uit het vorige gedeelte verder doortrekken, dan stelt de andere bok de Gemeente van Christus voor. Deze bok werd met de verzoende zonden, en dus als vrije bok, de woestijn ingestuurd. Op dezelfde manier wordt de Gemeente van Christus de wereld ingestuurd. Dit begint bij de discipelen.

De wereld wordt hierbij vergeleken met de woestijn. In deze wereld wordt de Gemeente geleid door Christus, zoals het volk Israƫl in de woestijn geleid werd door een wolk- en vuurkolom.

Aan het einde van hoofdstuk 3 zegt Paulus dat God vroeger verdraagzaam was. Onder de wet vergaf Hij de zonden door middel van het jaarlijkse offer. Nu rechtvaardigt God iemand echter alleen wanneer die persoon uit het geloof in Jezus is.

Het geloof van Christus rechtvaardigt ons voor God. Zelf doen wij daar niets voor en kunnen wij er ook niets voor doen. Daarom kunnen wij ons niet beroemen op een eigen prestatie of verdienste. Dat geldt zowel voor een Jood als voor een heiden.

Ook een heiden kan zichzelf dus niet rechtvaardigen. Alleen door te geloven ontvangt hij rechtvaardiging door het geloof van Christus.

De Jood ontvangt de rechtvaardiging vanuit wat hierover binnen het Joodse geloof wordt gezegd. Het gaat daarbij wel om het Joodse geloof zoals dat in Christus zichtbaar vorm heeft gekregen. Dat geloof bestaat uit gehoorzaamheid aan wat God heeft gezegd. Het is dus, ook voor de Jood, rechtvaardiging uit het geloof van Christus.

Samenvatting

  • De tweede bok, die vrij de woestijn in werd gestuurd, wordt hier vergeleken met de Gemeente van Christus die de wereld in wordt gestuurd.
  • In die wereld wordt de Gemeente door Christus geleid, zoals de wolk- en vuurkolom leiding gaf in de woestijn.
  • Het geloof van Christus rechtvaardigt de mens voor God. De mens kan daar zelf niets aan bijdragen en kan daarom niet roemen op eigen verdiensten.
  • Zowel Jood als heiden ontvangt rechtvaardiging door geloof. Bij de Jood gaat het om het geloof zoals dat in Christus zichtbaar is geworden: gehoorzaamheid aan wat God heeft gezegd.