4.7 Christus het verzoendeksel

In vs. 25 staat letterlijk over Christus Jezus dat God Hem openlijk, dus niet langer verborgen, heeft voorgesteld als verzoendeksel. Dit is een van de getuigenissen van de wet en de profeten waarover Paulus in vs. 21 spreekt. Het gaat hier om een getuigenis uit de wet. Zie hiervoor Exodus 25:16-21 en 31:7.

Het verzoendeksel lag in het Heilige der Heiligen, het heiligste gedeelte, boven op de Ark van het Verbond. In deze Ark bevond zich onder andere de wet. Het verzoendeksel bedekte dus de wet.

Eenmaal per jaar, op Grote Verzoendag, offerde de hogepriester een bok. Het bloed van deze bok moest op het verzoendeksel worden gesprenkeld. Door dit bloed konden de zonden van Israël worden verzoend. Daarna werden de verzoende zonden symbolisch op een andere bok gelegd. Deze bok werd vervolgens de woestijn ingestuurd. Dit was de zondebok.

In de hoofdstukken 9 en 10 van de Brief aan de Hebreeën wordt uitgelegd dat het volmaakte offer van Christus ervoor zorgt dat het offeren van de bok door de hogepriester niet meer nodig is.

Ook Jezus Zelf spreekt hierover tijdens het Laatste Avondmaal. Hij zegt: “Dit is Mijn bloed, het bloed van het Nieuwe verbond” (Matth. 26:28). Dit bloed van het Nieuwe verbond staat tegenover het andere, vreemde bloed van het Oude verbond.

Christus vervult wat God vraagt voor de verzoening van Israël. Hij doet dit helemaal alleen. Christus is de hogepriester. Hij is Degene die Zijn bloed geeft om verzoening mogelijk te maken. Hij is ook het verzoendeksel. Hij bedekt de wet en daarmee de zonde.

Daarin is een belangrijk verschil met het offer van de bok op Grote Verzoendag. Het offer van Christus geldt voor eeuwig. Het offer van de bok gold slechts voor één jaar.

Samenvatting

  • God heeft Christus openlijk voorgesteld als het verzoendeksel waarover de wet al getuigde.
  • Op Grote Verzoendag werd bloed op het verzoendeksel gesprenkeld voor de verzoening van Israëls zonden. De verzoende zonden werden symbolisch op de zondebok gelegd.
  • Volgens Hebr. 9 en 10 maakt het volmaakte offer van Christus dit jaarlijkse offer overbodig.
  • Christus vervult alleen wat God voor de verzoening van Israël vraagt: Hij is de hogepriester, geeft Zijn eigen bloed, is het verzoendeksel en Zijn offer geldt voor eeuwig.