4.6 Rechtvaardiging door het geloof

De overgang tussen het eerste en het tweede deel van het derde hoofdstuk draait om “de wet”. In Rom. 3:20 staat dat een mens niet gerechtvaardigd wordt door de werken van de wet. Daarna zegt Rom. 3:21 dat de rechtvaardigheid van God buiten de wet om is geopenbaard. Dat betekent hier: zonder de wet.

Deze rechtvaardigheid van God is nu openbaar geworden. Toch getuigden de wet en de profeten, waarmee hier het Oude Testament wordt bedoeld, al eerder van Gods rechtvaardigheid. In het Oude Testament was deze rechtvaardigheid echter nog verborgen. Daarom was het voor Israël niet zo eenvoudig om haar te ontdekken.

Israël richtte zich vooral op de dingen die in het Oude Testament openlijk bekend waren gemaakt. De verborgen dingen waren immers voor de Here God, zoals Deut. 29:29 zegt. Volgens deze uitleg is het tegenwoordige jodendom hierin helaas nog niet veel verder gekomen.

Maar nu, zegt Paulus, is de rechtvaardigheid van God openbaar geworden door het geloof van Christus, dus niet door het geloof in Christus. Deze rechtvaardigheid geldt voor allen die geloven, want zij zijn gerechtvaardigd.

Daarmee sluiten Rom. 3:21,22 precies aan bij Rom. 1:16,17. Daar heeft Paulus eerder al gesproken over het evangelie waarin Gods rechtvaardigheid wordt geopenbaard en dat tot behoud is voor ieder die gelooft.

De rechtvaardigheid van God stond dus al verborgen in de Heilige Schriften. Toen Jezus twaalf jaar oud was, las Hij in deze Schriften over Zichzelf. Daar las Hij wie Hij was en waartoe Hij geroepen werd. Hij geloofde wat in de Schriften stond en was gehoorzaam (Hebr. 5:8).

Christus was de eerste die gehoorzaamde en daardoor verlossing tot stand bracht. Wie Hem volgt, is verlost. Zo iemand ontvangt de rechtvaardiging voor God zonder daar zelf iets voor gedaan te hebben (vs. 22-24), en ondanks zijn zonden.

Samenvatting

  • Rom. 3:20 zegt dat rechtvaardiging niet uit de werken van de wet komt. Rom. 3:21 zegt vervolgens dat Gods rechtvaardigheid buiten de wet om is geopenbaard.
  • De wet en de profeten, dus het Oude Testament, getuigden al van Gods rechtvaardigheid, maar deze was daarin verborgen.
  • Volgens Paulus is Gods rechtvaardigheid nu openbaar geworden door het geloof van Christus en geldt zij voor allen die geloven.
  • Christus gehoorzaamde als eerste en bracht verlossing tot stand. Wie Hem volgt, ontvangt rechtvaardiging voor God zonder daarvoor zelf iets gedaan te hebben en ondanks zijn zonden.