2.12 Het verwerpelijke denken

Volgens Paulus heeft God de goddelozen, dat wil zeggen de heidenen, overgegeven aan een verkeerd en verwerpelijk denken (vs. 28). Daarmee wordt bedoeld dat God de wereld heeft losgelaten, waardoor het menselijke denken de overhand krijgt. Paulus legt vervolgens uit hoe dit menselijke denken eruitziet en waarop het gericht is.

Het volgende overzicht kan helpen om dit verschil duidelijker te maken:

LinksRechts
Schepping en schepselSchepper
DuisternisLicht
Adam (ziel)Christus (geest)
LichamelijkGeestelijk
Oude mens (geboren)Nieuwe mens (wedergeboren)
ZienlijkOnzienlijk
TijdelijkEeuwig
AardeHemelse gewesten en nieuwe aarde
ZondeGenade
Ongerechtigheid (ongeloof)Gerechtigheid (geloof)

Volgens deze uitleg betekent verwerpelijk denken het volgende:

man + man of vrouw + vrouw = links + links

Dit wordt uitgelegd als een situatie waarin het schepsel het schepsel eert.

Daartegenover staat:

man + vrouw of vrouw + man = rechts + links

Dit wordt uitgelegd als een relatie waarin het schepsel de Schepper eert.

Volgens de schrijver is het geloof van Christus datgene wat de kloof tussen rechts en links overbrugt.

De natuurlijke omgang van de mens, in zijn handelen (vs. 24), zijn gevoelens (vs. 26) en zijn denken (vs. 28), is volgens deze uitleg een relatie van geloof en vertrouwen tussen God en mens. Het gaat om de relatie tussen Schepper en schepsel.

Paulus zegt dat de heidenen deze relatie hebben vervangen door een andere relatie, namelijk een relatie tussen schepsel en schepsel (vs. 26-27). In plaats van de Schepper te eren, richten zij hun verering op datgene wat geschapen is.

De Schepper hoort verheerlijkt te worden door het schepsel. Maar volgens Paulus aanbidden de heidenen in hun dwaasheid (vs. 22) juist een schepsel, bijvoorbeeld een mens, een vogel of een ander dier (vs. 23). Daardoor houden zij volgens hem de waarheid gevangen in ongerechtigheid (vs. 18).

Dat leidt uiteindelijk nergens toe. Paulus zegt dat hun hart daardoor verduisterd is geworden (vs. 21). Ook ontvangen zij volgens hem in zichzelf de gevolgen van hun eigen keuzes en levenswijze (vs. 27).

De mens staat voor een keuze. Wie kiest voor de leugen, kiest voor duisternis, die hier verbonden wordt met Satan. Wie kiest voor de waarheid, kiest voor het licht, dat hier verbonden wordt met Christus.

Volgens deze uitleg handelt God op deze manier met de wereld totdat Christus terugkomt. Op die manier wordt Gods toorn zichtbaar over een wereld die door Hem is losgelaten.

Samenvatting

  • Paulus zegt dat God de goddelozen heeft overgegeven aan een verkeerd en verwerpelijk denken (Rom. 1:28).
  • Het schema laat volgens de schrijver een tegenstelling zien tussen ongeloof en geloof, tussen schepsel en Schepper, en tussen duisternis en licht.
  • Verwerpelijk denken wordt verbonden met het richten van eer en verering op het schepsel in plaats van op de Schepper.
  • Het geloof van Christus wordt beschreven als de brug tussen deze twee tegenovergestelde werkelijkheden.
  • De heidenen hebben volgens Paulus de relatie tussen God en mens vervangen door een gerichtheid op het geschapene.
  • Daardoor wordt de waarheid onderdrukt, raakt het hart verduisterd en ondervindt de mens de gevolgen van zijn keuzes.
  • De mens moet kiezen tussen de leugen, die tot duisternis leidt, en de waarheid, die tot het licht van Christus leidt.