In vers 17 staat dat de gerechtigheid van God daarin wordt geopenbaard. De vraag is dan: waarin wordt die gerechtigheid geopenbaard?
Het antwoord is: in het evangelie dat in vers 16 wordt genoemd.
Volgens deze uitleg leven wij vanuit het geloof van Christus als oorsprong naar ons eigen geloof als bestemming. Daarbij gaat het niet om een beweging tot aan het geloof, maar tot in het geloof. Daarom zullen gelovigen delen in wat Christus ontvangt. Zij zijn immers mede-erfgenamen met Christus.
In Romeinen 8:14 en de verzen die daarop volgen, staat ook dat gelovigen zonen van God zijn. Het woord zonen heeft hier de betekenis van erfgenamen. Toch worden gelovigen volgens Romeinen 8:23 pas daadwerkelijk erfgenamen bij de verlossing van hun lichaam.
Volgens deze uitleg is de juiste vertaling van Romeinen 8:23 niet: “verwachting van het zoonschap”, maar: “aanneming tot zonen”. Op dit moment zijn gelovigen nog kinderen van God (Rom. 8:17). Zij hopen op een toekomstige erfenis, maar hebben die nog niet ontvangen. Daarom zijn zij nog niet volledig mondig.
Volgens de schrijver is er op dit moment geen enkele christen op aarde die honderd procent door de Geest wordt geleid. Dat is een ideaal dat nog niet volledig werkelijkheid is geworden. De volledige werkelijkheid van het geleid worden door de Geest wordt verwacht bij de aanneming tot zonen, dat wil zeggen bij de verlossing van het lichaam.
Tot die tijd blijven gelovigen mensen met tekortkomingen. Zij zijn nog niet volmaakt en maken nog fouten.
Samenvatting
- De gerechtigheid van God wordt volgens Romeinen 1:17 geopenbaard in het evangelie.
- Gelovigen leven vanuit het geloof van Christus en zullen delen in wat Hij ontvangt.
- Romeinen 8 leert dat gelovigen zonen van God zijn, wat hier wordt uitgelegd als erfgenamen.
- De daadwerkelijke ontvangst van de erfenis wordt verbonden met de verlossing van het lichaam (Rom. 8:23).
- Gelovigen zijn nu kinderen van God en hopen op hun toekomstige erfenis.