2. Fundamenten van Geloof en Genade

Hoofdstuk 1 van de Romeinenbrief is een hoofdstuk waarin Paulus vertelt wie hij is, wat zijn taak is en wat de kern van zijn boodschap inhoudt. Hij legt uit dat hij door God is geroepen om het het evangelie te delen. Dat evangelie is niet nieuw: het werd al aangekondigd in het Oude Testament. Paulus laat hiermee zien dat Gods plan al vanaf het begin zichtbaar is voor wie goed kijkt.

Paulus richt zich in dit hoofdstuk tot zowel Joodse als niet‑Joodse gelovigen in Rome. Hij benadrukt dat juist Rome een belangrijke plek is geworden voor de verspreiding van het evangelie. De stad speelt een grote rol in de wereld van die tijd, en daardoor kan de boodschap van Jezus zich snel en ver verspreiden.

Daarnaast maakt Paulus duidelijk dat dit hoofdstuk de basis vormt voor de “verborgenheden” die God hem heeft gegeven. Hij wil deze geheimen niet voor zichzelf houden, maar doorgeven aan de gelovigen. Het gaat onder andere over Gods plan met Israël, de positie van mensen die in Jezus geloven, en de rol van Christus als de opgestane Heer. Paulus nodigt de lezers uit om verder te kijken dan wat ze met hun ogen kunnen zien. Hij wil dat ze ontdekken hoe God door de geschiedenis heen werkt en hoe Zijn plan stap voor stap zichtbaar wordt.