Betekenissen
Elisa betekent: God is redding, God is heil of God redt.
Classificatie
Eigennaam (man)
Datering
Periode van de koningen van Israël en Juda, ongeveer de 9e eeuw v.Chr.
Naam in het Hebreeuws
אֱלִישָׁע
Naam in het Grieks
Ἐλισαιέ
Strongnummers
Hebreeuws: H477
Grieks: G1666
Etymologische gegevens
De naam Elisa is samengesteld uit El (God) en jasha (redden, verlossen). De naam betekent letterlijk: “God is redding” of “God redt”.
Schrijfwijze in de verschillende vertalingen
In de Statenvertaling: Elisa
In de Herziene Statenvertaling: Elisa
In de King James vertaling: Elishah
Symbolische betekenis
Elisa symboliseert Gods redding, genezing, genade en voorziening. Zijn bediening laat zien dat God macht heeft over ziekte, dood, natuurkrachten en menselijke nood.
Bijbelse Stam
Waarschijnlijk Issaschar
Familie
| Relatie | Naam |
|---|---|
| Vader | Safat |
| Moeder | Niet vermeld |
| Broers | Niet vermeld |
| Zussen | Niet vermeld |
| Vrouw | Niet vermeld |
| Man | Niet van toepassing |
| Zonen | Niet vermeld |
| Dochters | Niet vermeld |
Een korte omschrijving
Elisa was de opvolger van de profeet Elia en één van de belangrijkste profeten van het Oude Testament. Hij werd door God geroepen terwijl hij op het land van zijn vader werkte. Tijdens zijn bediening verrichtte hij vele wonderen, waaronder het reinigen van water, de vermenigvuldiging van olie, de opwekking van een overleden jongen en de genezing van Naäman van melaatsheid. Elisa oefende grote invloed uit op het geestelijke en politieke leven van Israël. Zijn optreden benadrukte Gods genade, macht en zorg voor zowel gewone mensen als koningen. Ook na zijn overlijden werd Gods kracht zichtbaar, toen een dode man tot leven kwam nadat hij het lichaam van Elisa had aangeraakt.
De naam komt voor in de Bijbelverzen
Genesis 10:4, 1 Koningen 19:16, 1 Koningen 19:17, 1 Koningen 19:19, 2 Koningen 2:1, 2 Koningen 2:2, 2 Koningen 2:3, 2 Koningen 2:4, 2 Koningen 2:5, 2 Koningen 2:9, 2 Koningen 2:12, 2 Koningen 2:14, 2 Koningen 2:15, 2 Koningen 2:19, 2 Koningen 2:22, 2 Koningen 3:11, 2 Koningen 3:13, 2 Koningen 3:14, 2 Koningen 4:1, 2 Koningen 4:2, 2 Koningen 4:8, 2 Koningen 4:17, 2 Koningen 4:32, 2 Koningen 4:38, 2 Koningen 5:8, 2 Koningen 5:9, 2 Koningen 5:10, 2 Koningen 5:20, 2 Koningen 5:25, 2 Koningen 6:1, 2 Koningen 6:12, 2 Koningen 6:17, 2 Koningen 6:18, 2 Koningen 6:19, 2 Koningen 6:20, 2 Koningen 6:21, 2 Koningen 6:31, 2 Koningen 6:32, 2 Koningen 7:1, 2 Koningen 8:1, 2 Koningen 8:4, 2 Koningen 8:5, 2 Koningen 8:7, 2 Koningen 8:10, 2 Koningen 8:13, 2 Koningen 8:14, 2 Koningen 9:1, 2 Koningen 13:14, 2 Koningen 13:15, 2 Koningen 13:16, 2 Koningen 13:17, 2 Koningen 13:20, 2 Koningen 13:21, 1 Kronieken 1:7, Ezechiël 27:7, Lukas 4:27