Betekenissen
Beth-Háram betekent “huis van de hoogte” of “huis van de verheven plaats”. De Bijbelse naam Beth-Háram verwijst naar een hooggelegen, versterkte stad in het Overjordaanse, die als strategische en welvarende plaats diende in het erfdeel van de stam Gad.
Classificatie
Plaatsnaam
Datering
Periode van de intocht in Kanaän en de vestiging in het Overjordaanse, vanaf de tijd van Mozes en Jozua (late 15e–13e eeuw v.Chr.) en de daaropvolgende vroege Israëlitische periode.
Naam in het Hebreeuws
בֵּית הָרָם (Bêt-Háram)
Naam in het Grieks
Βηθάραμ (getranslitereerd: Betharam)
Strongnummers
Hebreeuws: H1027 (Beth-Haram), nauw verwant met H1028 (Beth-Haran)
Grieks: niet van toepassing
Etymologische gegevens
Beth-Háram is samengesteld uit beth (“huis”) en haram, verwant aan de wortel רום (rum, “hoog zijn”, “verheffen”). De naam betekent “huis van de hoogte” en past bij een stad die lag in een verhoogd, strategisch gebied ten oosten van de Jordaan. In de Bijbel verschijnt de naam in nauwe samenhang met de varianten Beth-Haran en Beth-aram, die dezelfde plaats of hetzelfde gebied aanduiden binnen het erfdeel van Gad.
Formuleringen (Schrijfwijze)
in de Statenvertaling: Beth-haran (Numeri 32:36), Beth-Háram (Jozua 13:27)
in de Herziene Statenvertaling: Beth-Haram
in de King James vertaling: Beth-haran (Numeri 32:36), Beth-aram (Jozua 13:27)
Symbolische betekenis
Beth-Háram staat symbolisch voor een hooggelegen, door God gegeven vestingplaats. De naam “huis van de hoogte” benadrukt zowel de geografische ligging als het beeld van bescherming en verheffing: een stad die de kudden en families van Gad bewaart, maar uiteindelijk afhankelijk blijft van de HEERE als ware Hoogte en Toevlucht.
Bijbelse Stam
Gad
Familie
| Relatie | Naam |
|---|---|
| Vader | niet van toepassing |
| Moeder | niet van toepassing |
| Broers | niet van toepassing |
| Zussen | niet van toepassing |
| Vrouw | niet van toepassing |
| Man | niet van toepassing |
| Zonen | niet van toepassing |
| Dochters | niet van toepassing |
Een korte omschrijving
Beth-Háram, ook weergegeven als Beth-Haran of Beth-aram, is een Bijbelse stad in het erfdeel van de stam Gad, gelegen ten oosten van de Jordaan, tegenover Jericho. De naam betekent “huis van de hoogte” en past bij een versterkte stad in een vruchtbare, maar strategisch kwetsbare grensregio. In de beschrijving van de nederzettingen van Gad wordt Beth-Háram genoemd als een versterkte stad met weiden voor de kudden. Daarmee staat Beth-Háram voor een combinatie van militaire bescherming, economische voorspoed en trouw aan de gemaakte beloften bij de inname van het land.
De naam komt voor in de Bijbelverzen
Numeri 32:36, (als Beth-Haran) Jozua 13:27, (als Beth-Haram)