Barzillai

Betekenissen

Barzillai betekent “ijzeren”, “van ijzer” of “mijn ijzer”. De naam draagt de gedachte van kracht, standvastigheid en betrouwbaarheid.

Classificatie

Eigennaam (man)

Datering

Barzillai leefde in de tijd van koning David, rond de 10e eeuw voor Christus.

Naam in het Hebreeuws

בַּרְזִלַּי (Barzillai)

Naam in het Grieks

Βαρζελλί

Strongnummers

Hebreeuws: H1271
Grieks: niet van toepassing

Etymologische gegevens

De naam Barzillai is afgeleid van het Hebreeuwse woord barzel, dat “ijzer” betekent. De naam duidt op kracht, hardheid en onverzettelijkheid. In de Bijbel wordt Barzillai beschreven als een loyale en edelmoedige man, wat de symboliek van zijn naam versterkt.

Formuleringen (Schrijfwijze)

In de Statenvertaling: Barzillai
In de Herziene Statenvertaling: Barzillai
In de King James vertaling: Barzillai

Symbolische betekenis

Barzillai staat symbool voor trouw, gastvrijheid en standvastige steun. Zijn zorg voor David tijdens diens vlucht voor Absalom maakt hem tot een voorbeeld van onvoorwaardelijke loyaliteit en rechtvaardigheid.

Bijbelse Stam

Barzillai was een Gileadiet uit Rogelim, behorend tot het gebied van de stam Manasse aan de overzijde van de Jordaan.

Familie

RelatieNaam / Gegevens
VaderOnbekend
MoederOnbekend
BroersOnbekend
ZussenOnbekend
VrouwOnbekend
ManNiet van toepassing
ZonenOnbekend (wel had hij schoonzonen, o.a. via zijn dochter)
DochtersTen minste één dochter, naam niet vermeld

Een korte omschrijving

Barzillai de Gileadiet was een rijke en invloedrijke man uit Rogelim. Tijdens Davids vlucht voor Absalom voorzag Barzillai de koning en zijn gevolg van voedsel en onderdak. Na de overwinning begeleidde hij David tot aan de Jordaan, maar wees uit bescheidenheid Davids aanbod af om aan het hof te wonen. In plaats daarvan stuurde hij zijn zoon of schoonzoon Kimham mee. Barzillai wordt in de Schrift geprezen om zijn trouw, vrijgevigheid en nederigheid.

De naam komt voor in de Bijbelverzen

2 Samuël 17:27, 2 Samuël 19:31, 2 Samuël 19:32, 2 Samuël 19:33, 2 Samuël 19:34, 2 Samuël 19:39, 2 Samuël 21:8, 1 Koningen 2:7, Ezra 2:61, Nehemia 7:63