Betekenissen
De naam Ahóah wordt doorgaans uitgelegd als ‘broederlijk’, ‘zijn broeder’ of ‘broeder van Jahweh’. Hij is afgeleid van de Hebreeuwse wortel “ach” (broeder), wat de naam een sterke betekenis van verbondenheid, familieband en trouw geeft.
Classificatie
Eigenaam (man)
Datering
Ahóah wordt genoemd in de genealogieën van de stam Benjamin, een periode die historisch wordt geplaatst tussen circa 1200 en 900 v.Chr. De naam komt vooral voor in de opsommingen van 1 Kronieken, die betrekking hebben op de vroege geschiedenis van Israël.
Naam in het Hebreeuws
אָחֹחַ
Naam in het Grieks
Αχοά
Strongnummers
Hebreeuws: H266
Grieks: Geen afzonderlijk Strongnummer
Etymologische gegevens
De naam Ahóah is gevormd uit de wortel “אח” (ach) – broeder – met een versterkende of naamvormende eindklank. Het suffix “-óah” of “-ohah” suggereert een uitgebreide of bezittelijke betekenis, waardoor de naam kan worden gelezen als ‘zijn broeder’. Dit past binnen de klassieke Hebreeuwse naamtradities waarin relaties en verbondenheid centraal staan.
Formuleringen
Statenvertaling: Ahóah
Herziene Statenvertaling: Ahoah
King James Version: Ahoah
Symbolische betekenis
Ahóah symboliseert broederschap, loyaliteit, verbondenheid en verantwoordelijkheid binnen de gemeenschap. De naam past binnen de traditie van Benjaminietische namen die vaak familie- en stamrelaties benadrukken.
Bijbelse Stam
Stam van Benjamin.
Familie
| Vader | Bela |
| Moeder | Onbekend |
| Broers | Addar, Gera, Abihud (genoemd in dezelfde genealogische opsommingen) |
| Zussen | Onbekend |
| Vrouw | Onbekend |
| Zonen | Onbekend |
| Dochters | Onbekend |
Een korte omschrijving
Ahóah is een Bijbelse Benjaminiet die voorkomt in de genealogieën van 1 Kronieken. Zijn naam betekent ‘zijn broeder’ of ‘broederlijk’, wat aansluit bij de familiegerichte betekenisstructuren binnen de Hebreeuwse naamvorming. Hoewel details over zijn leven ontbreken, maakt zijn vermelding hem tot onderdeel van de belangrijke afstammingslijn van de stam Benjamin. Zijn positie in de genealogie weerspiegelt de manier waarop het Oude Testament zorgvuldig de familiegeschiedenis van Israëls stammen documenteert. De naam Ahóah draagt hierdoor een symbolische waarde van verbondenheid, familieband en trouw binnen de geloofsgemeenschap.
De naam komt voor in de Bijbelverzen
1 Kronieken 8:4, 1 Kronieken 8:7