2 Samuël 21:12

Zo ging David henen, en nam de beenderen van Saul, en de beenderen van Jónathan, zijn zoon, van de burgeren van Jabes in Gílead, die dezelve gestolen hadden van de straat Beth-San, alwaar de Filistijnen ze hadden opgehangen, ten dage als de Filistijnen Saul sloegen op Gilbóa.

Deel dit artikel op: